Warning: Undefined array key "tdvITu" in /data/www/robertguinee.nl/www/wp-includes/taxonomy.php on line 1

Notice: Function _load_textdomain_just_in_time was called incorrectly. Translation loading for the wysija-newsletters domain was triggered too early. This is usually an indicator for some code in the plugin or theme running too early. Translations should be loaded at the init action or later. Please see Debugging in WordPress for more information. (This message was added in version 6.7.0.) in /data/www/robertguinee.nl/www/wp-includes/functions.php on line 6122
Italië - Robert Guinee | architectuur gids

Category: Italië

  • Eeuwige ronde

    Eeuwige ronde

    [av_textblock size=” av-medium-font-size=” av-small-font-size=” av-mini-font-size=” font_color=” color=” id=” custom_class=” av_uid=’av-kfzvigbl’ admin_preview_bg=”]
    Sommige gebouwen zijn van eeuwigdurende waarde, en heel incidenteel blijft een gebouw ook eeuwig in gebruik. In hoeverre dat eeuwig ook oneindig betekent blijft dan altijd een onbekend gegeven, maar eeuwig in de letterlijke betekenis, van eeuwen en eeuwen in gebruik gaat het wel op.

    Eén zo’n gebouw bezocht ik onlangs weer eens. Wereldberoemd: het Pantheon in Rome. En wat een gebouw is het toch eigenlijk. Iedere keer weet het mij weer in zijn greep te krijgen, vanaf het moment dat ik onder de magistrale koepel binnen stap.

    De magistrale koepel die door een Romeins architect, de naam is ons niet overgeleverd, in de 2e eeuw na Christus is gerealiseerd en nu dus al zo’n 1900 (!) jaar overeind staat! Niet alleen is het een magistraal architectonisch gebaar, maar ook een ongelooflijk technisch hoogstandje. Immers, de koepel is van beton opgetrokken, maar dan in ongewapende versie, wapening kenden de Romeinen nog niet.

    43 m in doorsnede, liever eigenlijk spreek ik van 150 voet, dat is een fraaiere maat en sluit aan de bij geometrische genialiteit die de Romeinen hadden. En het mooiste is dat het ook precies die 150 voet hoog is. Met andere woorden, in het gebouw past precies een bol van die maat.

    Als je je probeert voor te stellen hoe dat gebouwd is, dan krijg je pas echt respect voor de bouwtechniek uit die tijd. Beton is een vloeibaar goedje met een forse massa. Tegenwoordig gaat men uit van 2400 kg per kubieke meter. Dat zal destijds wat minder geweest zijn overigens, de Romeinen gebruikten lichtere korrels en toeslag dan wat wij tegenwoordig aan grind gebruiken.

    Maar dan nog: een koepel van 43 m hoogte en doorsnede, heeft alleen al een omtrek van 2 x pi x r = 2 x 3,14 x 21,5 = ca 135 meter lengte. Stel dat de koepelwand daar 1 m dik is, en een kubieke meter ongeveer 2000 kg weegt. Dan hangt er alleen op die eerste meter koepel al 270 ton beton! Op een hoogte van 21,5 m… En in vloeibare toestand er opgegooid! Om dat op te vangen vraagt een enorme bekisting met dito ondersteuningen. En de nodige kennis om dat geheel stabiel te houden. En die wand is daar nota bene veel meer dan een meter dik! En dan gaat de koepel nog eens 21,5 m hoger de lucht in!

    Het zijn ongelooflijke cijfers…  De bouwmeester / architect van die tijd moet een even diep vertrouwen in het eigen kunnen gehad hebben, want het gieten is 1, het ondersteunen is 2, maar het weghalen van de bekisting is 3! Gokken dat “het wel goed zal gaan”? Dat geloof ik niet! Niet als je je een beetje verdiept in de Romeinse bouwtechniek. En niet midden in Rome, voor een tempel die in opdracht van keizer Hadrianus zelf gebouwd wordt…

    Ach ja, nog een vraagje: hoe zijn al die tonnen beton eigenlijk naar boven gekomen? In emmertjes? Ik denk het niet, maar de geschiedenis hult zich in stilzwijgen, leidend tot grote raadsels voor ons.

    Oftewel, dit hele geval, die fabelachtige koepel, is het product van een staaltje rekenkunde en bouwtechniek, waar wij nog jaloers op kunnen zijn.

    Inderdaad is de koepel dan ook tot in de 19e eeuw de grootste ter wereld gebleven, en kon pas overtroffen worden met gewapende constructies of in staal. Zelfs die andere gigantische koepel in Rome, van de St Pieter blijft binnen de straal van die van het Pantheon!

    Een hilarisch gegeven, maar evenzo slim bedacht is dan nog dat de koepel niet helemaal dicht is. Bovenin, de laatste 9 m van het gewelf, is open gebleven. De reden? Daar zou te veel beton horizontaal komen te hangen, dat was niet-realiseerbaar, dat zou onherroepelijk instorten. /zodoende is dat deel open gelaten, leidend tot het hilarische gegeven dat het binnen kan regenen!

    Ik wens iedereen toe om het Pantheon in de regen te bezoeken. In het midden van het gebouw regent het dus! Het gebouw is er destijds op voorbereid, middels fraaie schrobputjes is de vloer! Waarna het regenwater door de Romeinse riolen wordt afgevoerd.

    Het intrigerende is nog wel dat je niet eens of nauwelijks in de gaten hebt dat het binnen regent! Bij een doorsnede van het oog / oculus van 9 meter tov 43 m doorsnede van het gebouw valt er slechts op ca 4,5% van het totale vloeroppervlak regen! Ruimte genoeg om droog te blijven!

    Ik heb het met mijn gasten weer mee mogen maken… weliswaar een miezerbuitje, maar regen voelen in een gebouw, en dat doodgemoedereerd ondergaan blijft een wonderlijke ervaring!

    Zo staat het Pantheon al 19 eeuwen in al zijn klassieke eenvoud, genialiteit en kracht midden in Rome. Er zijn nog zoveel meer verhalen over te vertellen, daar kunnen nog wel een paar blogs aan gewijd worden. Wie weet…


    [/av_textblock]

  • Een zwierig complex

    Een zwierig complex

    [av_textblock size=” font_color=” color=” av-medium-font-size=” av-small-font-size=” av-mini-font-size=” av_uid=’av-k73vd37w’ admin_preview_bg=”]
    Toen ik enige tijd geleden voor het eerst in Milaan was, gelukkig was er van Corona nog in de verste verte geen sprake, ben ik op zoek gegaan naar het Art Nouveau pand dat in de reisgids vermeld stond. Curieus genoeg was dat het enige dat in de gids stond. Het bleek niet al te ver van de grote beroemde Dom te staan.

    Echter, toen we het eenmaal gevonden hadden, kon ik er weinig enthousiast van worden. Het was “wel aardig”, maar spectaculaire architectuur? Nou nee, niet echt… Ik heb er natuurlijk wel wat foto’s van genomen, meer voor het archief dan bewust gebruik overigens. Gelukkig had ik een reisgenoot bij die zich er niet bij wenste neer te leggen, dat dit het enige pand in deze stijl was in Milaan. Er zou toch zeker wel wat meer zijn?

    Dat bleek het geval. Zij “toverde” een interessant ogend object van internet, inclusief adres, dat slechts een eindje verderop gesitueerd bleek. Wij gingen op weg, en na een kleine fietstocht stonden we voor een appartementencomplex, waar de Art Nouveau vanaf droop. Op dat moment helaas bijna letterlijk, want het regende. De buitengevel was getooid met karakteristieke balkonnetjes, met het typische smeedwerk, maar daarnaast bleek de gevel ook grootschalig beschilderd met allerlei motieven, veelal gestileerde bloem- en plantmotieven.

    Hoewel deze schilderingen wat flets waren, straalde er een grote rijkdom vanaf. Dit was nog eens een ander pand dan dat eerste dat we gezien hadden…

    Het is in zo’n complex altijd lastig binnen komen, maar we ontmoetten de conciërge, die ons meer dan hartelijk binnen liet. In mijn gebrekkige Italiaans ontstond er een gesprek, en hij wilde niets liever dan ons alles laten zien. Elke entree van het complex mochten we bekijken en fotograferen, “kijk daar eens” en weer een ander bijzonder fraai detail. Wat een geweldige ontmoeting!

    En het pand was ook geweldig. Zelfs de simpelste van alle entrees, de dienstingang was fraai vormgegeven, met mozaïekwerk op de vloer, schilderingen op de wanden en plafonds en siersmeedwerk rond de trappen.

    Het diensttrappenhuis!

    Het allerfraaist was natuurlijk de hoofdentree, waar de combinatie van schilder- en beeldhouwwerk samen met fraaie deuren met authentiek glaswerk, een prachtig decor vormde. En de kleurenpracht, wat een spektakel!

    Of wat te denken van het toegangshek! Dat bleek niet alleen heel fraai vorm gegeven, maar ook vernuftig in elkaar gezet te zijn. Van het met grote bladen gedecoreerde hek kon niet alleen het middendeel open, als gebruikelijke toegang, maar konden op ingenieuze wijze ook de zijvleugels open, om grotere meubelstukken te verplaatsen. En bovendien kon het geheel ook nog eens volledig naar boven in het portaal geschoven worden. Niet alleen fraaie vormgeving, maar ook optimaal gebruikersgemak. Ik wordt van dergelijke architectuur en ontdekkingen altijd heel vrolijk!

    Het hoofdtrappenhuis werden we ingeleid, met de authentieke lift. “Heeft u die bloemen daar al gezien?” Schitterend hoe wand en plafond in elkaar overliep en tot een geheel versmolten. Fantastisch hoe een stucmotief op de wand terug keert in het smeedwerk van de trapleuning. En ja hoor, maakt u vooral zoveel mogelijk foto’s! Geen enkel probleem was het. Genieten!

    Het kantoortje van de conciërge zelf bleek nog helemaal origineel te zijn, met de oorspronkelijke meubelstukken door de architect zelf ontworpen. Het complex vormde daarmee een fraai “Gesamtkunstwerk”. Zelfs de geschiedenis van de bouw kregen we te horen. Alles natuurlijk in het Italiaans, maar met de nodige inspanning toch te volgen, leverde het een schat aan aanvullende informatie op.

    Zo bleek dat de architect van het complex, Campanini, op tragische wijze om het leven was gekomen, amper 52 jaar oud, doordat hij zijn evenwicht op de steiger verloor en eraf viel. 52 jaar, dat is voor een architect niet bepaald oud, wie weet wat voor zaken hij nog had kunnen realiseren. Tegelijk kregen we te horen, dat hij in het complex ook een appartement voor zichzelf had gebouwd, dat tot op de dag van vandaag door een nazaat werd bewoond. Dat konden we dan weer niet bezichtigen, logisch uiteindelijk.

    Tenslotte wist hij ons ook nog de nodige andere gebouwen in deze stijl en van deze architect aan te wijzen. Ons verblijf in de stad die toch vooral bekend staat om de gotische Dom en de Renaissance-gebouwen kreeg een aangenaam staartje Art Nouveau. Art Nouveau die overigens daar Liberty Style, Stile Liberty heet, vernoemd naar de Britse handel in Oosterse kunstvoorwerpen onder leiding van Arthur Liberty.

    Zo zie je maar, dat je in een nog onbekende stad soms ook gewoon het geluk moet hebben, opzoeken zelfs misschien, om door een bewoner op andere fraaie dingen gewezen te worden, dan die in je reisgids staan. Het levert vaak de mooiste ontdekkingen op! Wij waren er zeer aangenaam door verrast.
    [/av_textblock]