Warning: Undefined array key "tdvITu" in /data/www/robertguinee.nl/www/wp-includes/taxonomy.php on line 1

Notice: Function _load_textdomain_just_in_time was called incorrectly. Translation loading for the wysija-newsletters domain was triggered too early. This is usually an indicator for some code in the plugin or theme running too early. Translations should be loaded at the init action or later. Please see Debugging in WordPress for more information. (This message was added in version 6.7.0.) in /data/www/robertguinee.nl/www/wp-includes/functions.php on line 6122
Art Deco - Robert Guinee | architectuur gids

Tag: Art Deco

  • Pijnlijke Art Deco

    Pijnlijke Art Deco

    [av_textblock size=” font_color=” color=” av-medium-font-size=” av-small-font-size=” av-mini-font-size=” av_uid=’av-k74n1l7c’ admin_preview_bg=”]
    Grote tentoonstellingen hebben de neiging om imposante gebouwen achter te laten, die in latere jaren graag-bezochte objecten worden, om uiteenlopende redenen. Iedereen kent de Eiffeltoren, wereldtentoonstelling 1889, of het Grand Palais, idem 1900.

    Weinigen kennen echter het Palais de la Porte Dorée. Ikzelf ook niet, moet ik bekennen, tot voor kort. Ik las er onlangs over en het maakte me nieuwsgierig. Het blijkt een gebouw met een uiterst lastige geschiedenis, en dus met een fascinerend verhaal.

    In 1931 werd er een internationale koloniale tentoonstelling gehouden. Het moest een tentoonstelling worden van wat de westerse mogendheden voor elkaar hadden gekregen in hun respectievelijke koloniën.

    Er werd een groot gebouw opgericht als entree en ontvangstgebouw. Dit werd na de expositie het Permanente Museum voor de Koloniën. Geopend in 1931, bleek het permanente karakter al in 1935 voorbij, toen het herdoopt werd in museum van het overzeese Frankrijk en weer later van Museum voor Afrikaanse en Oceanische kunst, tot Nationaal Museum voor kunst van Afrika en Oceanië. En inmiddels is het aan zijn zoveelste leven begonnen als Nationale “Stad” van de geschiedenis van de immigratie.

    Lopend door het gebouw voel je gewoon hoezeer de sterk veranderende inzichten voor wat betreft het koloniale verleden wringen in dit gebouw. Eigenlijk kun je niet anders dan het een fout gebouw noemen. Het is simpelweg met zo’n inmiddels volkomen fout doel gebouwd, dat het daar niet meer overheen kan komen, wat voor naam je er ook aan geeft.

    Een van de spectaculairste onderdelen van het gebouw is het grote beeldhouwwerk dat aan de voor- en zijgevels te vinden is als een doorlopend kunstwerk. Het is een indrukwekkend staaltje beeldhouwkunst, 1100 m2 groot, opgebouwd uit afzonderlijke blokken, die elk apart gehouwen zijn, conform 1 groot voorbeeld, en uiteindelijk pas op de bouwplaats zelf tot het grote werk zijn samengesteld. Het thema? Alle Franse koloniën en welke economische voorspoed daar is bereikt. Elke kolonie wordt uitgebeeld met het product waarom het beroemd is geworden.

    Uit Marokko: fosfaten, granen en wol

    Oftewel, in tegenwoordige taal uitgedrukt: waarom het land destijds is gebruikt, of zelfs uitgebuit. De hele thematiek van het reliëf is volstrekt achterhaald door de tijd. Met de lofzang van de Westerse dominantie over de “domme” inheemse bevolking. Met zo’n kunstuiting kan het gebouw gewoon niet correct gemaakt worden.

    Ondanks dat is het gebouw de moeite waard om te bekijken. Het is een bijzondere uiting van de destijds op het hoogtepunt verkerende Art Deco. Er zijn prachtige hekwerken te zien, met karakteristieke ornamenten, die je alleen in die stijlperiode terug vindt.

    De grote zaal annex ontvangsthal is een regelrecht spektakel. Het plafond is opgebouwd als een pagode, die maakt dat er ondanks de grootte en de hoogte van de zaal toch veel natuurlijk licht binnen valt, of dat kunstlicht indirect de zaal verlicht. De vloer in het midden is een schitterend parket, hoewel een replica. Waarbij je dan maar moet hopen, dat de huidige grote variëteit aan tropische houtsoorten tegenwoordig wel met keurmerk zijn verwerkt.

    Ook hier zijn de wanden overdekt met afbeeldingen, die, laten we zeggen, niet bepaald een gelijkschakeling van mensen met verschillende huidskleur tonen. Hoewel ik het schitterende afbeeldingen vond, qua kunstuiting, is het nogal wrang om geketende donkere mensen (mag ik dat zo stellen?) “bevrijd” te zien worden door een welwillende blanke missionaris. Er zijn wanden met kolossale moderne zeilschepen, die bij de jungle aanmeren, waar donkere mensen met handkracht de lading aan boord brengen. Blanke ingenieurs die de plannen voor nieuwe wegen bestuderen terwijl de inheemsen, rijdend op een ezel, de eerste bakstenen aanvoeren.

    Zo voel je tijdens een bezoek aan dit museum de voortdurende frictie met het verleden. En eerlijk gezegd, de huidige functie, museum voor de immigratie, voelt daarbij meer als een halfhartige poging tot genoegdoening dan als serieuze poging tot goedmaken. Zeker als je andere Parijse musea kent, waar kosten noch moeite gespaard worden om zaken tentoon te stellen of onder de aandacht te brengen.

    Zodoende is het lastig enthousiast te zijn over dit gebouw. Het is een bijzonder gebouw, met, sec, prachtige kunstuitingen uit de Art Deco periode. Echter, de kunstuitingen tonen een wereldbeeld dat ver af is komen te staan van ons huidige, en daardoor zelfs pijnlijk worden. Om nog maar te zwijgen van de bejubeling van de kruisvaarders als de eerste kolonialisten! Bovendien is het huidige museum zeer middelmatig van kwaliteit, en zeker niet van het kaliber waarvan ik adviseer er beslist naar toe te gaan… Of misschien juist wel, om zelf het pijnlijke aspect ervan te ervaren?
    [/av_textblock]

  • Deco ontdekking

    Deco ontdekking

    [av_textblock size=” font_color=” color=” av-medium-font-size=” av-small-font-size=” av-mini-font-size=” av_uid=’av-jttxdm4c’ admin_preview_bg=”]
    Reizen is ontdekken. Soms loop je al reizende ineens tegen iets geweldigs aan, waarvan je het bestaan niet kent en wordt er direct door overrompeld. Zelfs als je denkt dat je al wel het een en ander gezien hebt, gebeurt het. Mij is het overkomen in Melbourne, enige tijd geleden. Dwalend door de stad, gewoon ontspannen een onbekende stad verkennend, stond ik ineens tegenover een kolossaal en spectaculair gebouw.

    Het leek in eerste instantie een soort gotisch paleis, maar bleek bij nadere beschouwing een van de gaafste Art Deco gebouwen te zijn dat ik ooit gezien heb. Het is het gebouw van Manchester Unity, midden in de bloeiperiode van de Art Deco gebouwd, 1932.

    Daar moest ik uiteraard meer van weten, dat wilde ik zien. Onder een fraaie ruime luifel is de entree gesitueerd, die een passage blijkt te zijn. Maar dan wel inclusief alle karakteristieke Art Deco elementen: prachtige gestyleerde marmeren zuilen en wandbekleding, een schitterende authentieke mozaïek vloer met decoratieve monogrammen en gegraveerde panelen met diverse deugden, in de typische wat bonkige stijl van de jaren ’30.

    En dat is nog maar het begin. De hele passage is authentiek, niet “verfraaid” door latere toevoegingen, hoewel er bijvoorbeeld wel degelijk een moderne roltrap in is gebracht, maar dan in goed aangepaste stijl. Knap! Overal nog de authentieke koperen sierlijsten, het stucplafond nog volledig authentiek, zelfs de lampen stralen deze sfeer nog uit. Wát een plaatje!

    Nog spectaculairder blijkt de liftpartij te zijn. In de jaren ’30 was een lift nog een betrekkelijk bijzonder gegeven, en daarmee bij uitstek een mogelijkheid om te pronken. Er is een prachtige partij met 3 met koper beslagen dubbele deuren ontworpen, met panelen met onder andere het logo van de firma Manchester Unity. Boven de liftdeuren een schitterend mozaïek in diverse gekleurde natuursteen platen met het devies van de firma.

    Een zorgvuldige en geslaagde ingreep die men gedaan heeft, is de invulling van de decoratieve panelen tussen de liftdeuren, met op maat gemaakte touchscreens, waarmee je de nodige informatie kunt vinden over de gebruikers, huurders van het gebouw. Het gebouw is namelijk een soort bedrijfsverzamelgebouw. Zonder enige kennis van het gebouw stap je niet direct zo’n lift in, maar dit wetende ben ik zonder aarzelen de lift ingestapt. Business units moet je immers kunnen bezoeken?

    De cabine alleen is al een feestje, met schitterende houten panelen, samengesteld tot een decoratief geheel, met zorgvuldige aandacht voor het verloop van de nerf opdat er bijna een optische illusie ontstaat. Het laat zich alleen niet fotograferen, omdat er beschermende glazen panelen voor zijn geplaatst, ter behoud. Prima natuurlijk, dan liever geen foto!

    Zomaar willekeurig ben ik uitgestapt op een verdieping en heb mijn ogen de kost gegeven. En wat voor kost! Op elke verdieping wordt het beeld bevestigd, dat je op de begane grond krijgt voorgeschoteld: alles nog even authentiek. Op elke gang hangt een Art Deco klok, elke deur heeft nog het authentieke speciaal voor dit gebouw ontworpen beslag. Elke deur is origineel, lampen, stuclijsten, reliefs, ruiten, niets is er vervangen. Ja, de naamplaatjes op de deuren van de diverse hier gevestigde bedrijven zijn vernieuwd, er zijn extra sloten in de deuren aangebracht. Mag het?

    Met groeiende bewondering en fascinatie heb ik door enkele gangen gedwaald. Als liefhebber van geïntegreerde techniek heb ik zelfs de originele airconditioning ontdekt: prachtig weg gewerkt in de sierlijst in de hoek van het plafond met de wanden.

    Het café in de passage beneden, toepasselijk Art Deco café geheten, heb ik benut om een kop ijskoffie in stijl te genieten, omlijst door diverse afbeeldingen van de bouw van het complex, of wervingsposters voor financiële bijdragen ertoe. Om na de koffie goed voorbereid te zijn op de verdere wandeling door de stad, wilde ik nog even het toilet gebruiken. Men verwees mij door naar de openbare toiletten buiten, er was alleen een toilet op de verdieping, voor de huurders. Op mijn verhaal dat ik als architect zo’n bewondering heb voor het gebouw en juist graag het toilet wil bezoeken, ook daar wordt vaak extra aandacht aan besteed, kreeg ik de elektronische sleutel mee, om het toilet toch te gebruiken en bezoeken.

    Zelfs dat is bijzonder geworden, voor zover toiletgang dat kan zijn: ook dit is nog volledig authentiek, met dien verstande dat het sanitair grotendeels is gemoderniseerd. De hele inrichting ademt de sfeer van de jaren ’30 nog uit: een prachtige terrazzo vloer, robuuste spoelmechanismes, kolossale marmeren platen, uit 1 stuk (!) als scheiding tussen de toiletten, het oude typisch gekleurde en op de hoeken afgeronde tegelwerk… Wauw!

    Bij terugkomst in het café heb ik het personeel erop gewezen dat zij in een toch wel heel bijzonder gebouw werken. Zoals zo vaak het geval, was men zich er niet van bewust. Dat besef begon door te dringen toen ik meldde dat dit toch wel een van mijn meest bijzondere plaspauzes ooit is geweest, in zo’n gebouw, en in zo’n toilet. Het leverde een hilarisch moment op, want de gemiddelde bezoeker zal dit niet als compliment uiten….

    Dit gebouw is een toch wel uitzonderlijke uiting van de Art Deco, niet alleen in Melbourne, maar op de hele wereld. Zeldzaam rijk in detaillering, en zeldzaam zorgvuldig doorgevoerd in ontwerp. Maar het allerbelangrijkst natuurlijk: zeldzaam gaaf behouden. Wát een pareltje!

    Zelf meer van dit gebouw, of van de Art Deco in het algemeen ervaren? Laat je eens verrassen door een lezing van mij, waarin ik je alles over de details vertel….
    [/av_textblock]

  • Drama met een kleurrijk randje

    Drama met een kleurrijk randje

    [av_textblock size=” font_color=” color=” av-medium-font-size=” av-small-font-size=” av-mini-font-size=” av_uid=’av-jsd6676z’ admin_preview_bg=”]
    De natuur kan verwoestend zijn. Wat de mens in jaren of eeuwen opbouwt, kan de natuur in enkele seconden vernietigen. Al vanaf de vroegste geschiedschrijving zijn er verhalen bekend van steden die door aardbevingen, vulkaangeweld of overstromingen zijn weggevaagd.

    Tijdens mijn recente reis naar Nieuw Zeeland ontdekte ik een plaats die dat in 1931 is overkomen: Napier, op het Noordereiland, werd verwoest door een zware aardbeving, die gedurende 3 minuten de stad op zijn grondvesten liet trillen. De Australische aardplaat werd omhoog gedrukt door de Pacifische plaat en een deel van de stad werd zelfs in zijn geheel 2 meter opgetild. Tegen dat geweld was het jonge stadje niet opgewassen en vrijwel de gehele stad, grotendeels opgebouwd uit houten huizen, of in de luxere variant gemetselde panden werd door deze beving in puin gelegd.

    De wederopbouwplannen werden voortvarend ter hand genomen, hoewel er ook lieden waren die “de boel maar de boel” wilden laten, het was toch geen interessant en bijzonder welvarend stadje geweest, en het meest aantrekkelijke deel, de binnenhaven met aanlokkelijke baai was droog komen te liggen: ook deze was 2 meter opgetild, de bootjes die lagen aangemeerd, waren op het droge beland. Maar het was de tijd van de grote depressie, die ook Nieuw Zeeland trof, en er was grote behoefte aan werk. De wederopbouw startte.

    Er gebeurde iets bijzonders: nadat het ergste puin was geruimd, en de eerste noodvoorzieningen waren gerealiseerd werd een twee-koppige commissie aangesteld, die verantwoordelijk was voor de wederopbouw. In plaats van langdurig plannen te maken, werd de wederopbouw snel en efficiënt aangepakt. In plaats van dat men daarbij de blik op moederland Engeland en de daar geldende traditionele architectuur-uitingen vestigde, richtte men de blik op Amerika en Frankrijk. Dat resulteerde in Napier in een triomf voor de toen in zwang zijnde Art-Deco stijl. De beide heren, een architect en een magistraat besloten de gehele stad in deze nieuwe moderne stijl op te bouwen. Niet alleen vanwege de populariteit ervan elders in de wereld, maar zeker ook vanwege de mogelijkheid hiermee razendsnel en aardbevingsbestendig te kunnen bouwen. Deze moderne stijl maakte namelijk grootschalig gebruikt van het relatief nieuwe bouwmateriaal gewapend beton, waarmee bijvoorbeeld in Tokio, eveneens zeer aardbevingsgevoelig, al was bewezen dat een wolkenkrabber ermee overeind kon blijven.

    Er werden een aantal uitgangspunten gedefinieerd voor de herbouw:

    • slechts enkele vooraf geselecteerde architecten zouden ontwerpen,
    • alle panden werden van grote luifels voorzien, tegen de zon,
    • gewapend beton was verplicht,
    • alle hoekpanden werden afgeschuind, t.b.v. beter zicht van het verkeer,
    • de straten werden verbreed voor de automobielen.

    Nadat de plannen voor de herbouw bekend waren gemaakt kwam er een “goldrush”-achtige stormloop van werklieden op gang, die richting het verwoeste stadje trokken in de hoop op werk, en uiteraard wat te verdienen centjes. Dat ging zelfs zo hard, dat er op een bepaald moment geen nieuwe werklieden meer werden toegelaten.

    Vanwege de toepassing van het gewapende beton en de overvloed van werklieden verliep het herstel zeer voorspoedig en al 2 jaar na de verwoesting waren de meeste straten in het centrum herbouwd. Alle voorzien van een Art Deco decoratie. Dit razende herbouwtempo heeft ertoe geleid dat hier een zeldzaam ensemble van Art Deco gebouwen bij elkaar is gekomen. Waar je in veel steden Art Deco gebouwen tegenkomt, en de eerlijkheid gebiedt te zeggen, soms ook veel fraaiere individuele voorbeelden ervan, zijn in Napier letterlijk alle straten in deze stijl gebouwd. Zonder saai te worden, doordat uiteindelijk 4 verschillende architecten aan de herbouw hebben gewerkt. Elk met hun eigen interpretatie van de stijl, met onderling herkenbare verschillen. Als je een beetje je oog erop oefent, kun je na korte tijd afzonderlijke panden van de architecten herkennen.

    Heel fijn is daarbij om te merken, dat er geen sprake is van herhaling. Geen pand is hetzelfde, geen gevel is identiek aan een andere. Elk pand is apart ontworpen en gerealiseerd. Ik ervaarde als “nadeel” daarentegen daardoor wel dat mijn enthousiasme bij elk ander pand, bij elke straat een impuls kreeg. Wéér een gaaf gebouw, wéér een fraaie gevel, wéér zo’n fraaie decoratie, ik werd moe van mijn eigen telkens opflakkerende enthousiasme! Wat een fantastische aaneenschakeling!

    Goed is het om te merken dat de stad intussen apetrots is op dit erfgoed, en zichzelf als Art Deco hoofdstad van de wereld afficheert. Een kwalificatie die wellicht betwistbaar is, ik ben ooit in Miami op Ocean Drive geweest, en dat staat zeker in verhouding tot deze stad. Maar het is geweldig om te zien dat de Art Deco-gebouwen met liefde en respect worden behandeld en onderhouden. De kleurrijke uitmonstering van veel panden is, of wordt terug gebracht, nadat deze in de jaren vijftig, zestig en zeventig was vervaagd of in sommige gevallen verloren gegaan. En dat is vooral op eigen initiatief van bewoners, gebruikers en eigenaren van de panden, daarbij komt geen dwang van een monumentenorganisatie kijken. Zo’n organisatie is er namelijk helemaal niet.

    Het was voor mij een geweldige culturele ontdekking in een land dat zich toch vooral als natuurland laat gelden. Een heerlijk architectonisch intermezzo!

    Natuurlijk heb ik hier als een razende foto’s geschoten van alle kleuren, typische ornamenten en fantastische decoraties. Ik laat je graag een keer mee genieten hiervan. Waarom niet bij je thuis in een ontspannen en informatieve huiskamerlezing? Laat je door mij mee voeren door deze unieke Art Decostad!

    Bekijk hier een voorproefje, zoals van het grandioze Masonic Hotel

          

    of van het prachtige theater:

          
    [/av_textblock]